De naam Paul-Peter Kruse viel in de Oppepper van april met Matthijs Hulsbosch (Manager Vastgoed & duurzaamheid bij Woonstichting 'thuis). En wekte meteen onze nieuwsgierigheid. Kruse onderzoekt als coach en programmamanager bij bedrijven hoe verandering werkt. Organisatieontwikkeling is zijn vak. Dus toen een jarenlange samenwerking tussen woonstichting Thuis, een aantal andere woningcorporaties en de gemeente Eindhoven maar niet verder kwam, werd Kruse erbij gehaald. En hij stuurde iedereen het bos in.
Highlights artikel
Samenwerken binnen het Pact als één team met een gezamenlijke taak. En dus niet als de zes afzonderlijke organisaties. Deze insteek kreeg definitief vleugels na het inschakelen van een duo programmamanagers, waarbij de één zich volop concentreerde op inhoud en proces en de ander puur en alleen op groepsdynamiek, verbinding en communicatie. “Een doorbraak en aanrader voor iedereen die streeft naar een langjarige, sterke samenwerking,” aldus Matthijs.
Paul-Peter: “Het begon ermee, dat het pact zelf vaststelde dat ze na jaren van samenwerking niet verder leken te komen. Ze zeiden letterlijk: ‘Wij denken echt dat we sneller méér kunnen bereiken, maar we weten niet waarom dat er niet uitkomt.’ Om dat om te buigen, zochten ze naar een programmamanager als een schaap met vijf poten.
Een persoon die hen zowel op inhoud als op vorm moest gaan ondersteunen. Rob Bogaarts en ik hebben toen aangeboden sámen deze rol in te vullen. Hij de inhoud, ik de vorm. Ik focus mij dus niet op de zichtbare projecten of werkprocessen, dat doet Rob. Het is mijn taak om waar te nemen wat er ónzichtbaar gebeurt: in de samenwerking of in de communicatie. In de onderstroom. Of dat een unieke aanpak is? Nee, de combinatie wordt vaker toegepast. En met succes. Niet dat je het meteen in klinkende munt terugziet, maar iedere betrokkene voelt het, als het stroomt of niet stroomt.”
“Ik ben als het ware de vlieg op de muur die waarneemt. Hoe voelt iedereen zich? Is er openheid, of schuurt er wat? En áls het schuurt, waardoor komt dat dan? Soms breng ik dat wat ik zie meteen ter sprake in de groep, soms spreek ik na afloop even één op één met betrokkenen. Ik stel dan vragen die blootleggen wat voor gevoel, frustratie, achterliggende problematiek, persoonlijke irritatie of wat dan ook invloed had gehad.
Samen met de betrokkenen help ik zo gevoelens te ontrafelen totdat het oplosbare of overkomelijke feiten zijn. Of dat meteen makkelijk was? In het begin was het echt wel even zoeken. Bouwers en ambtenaren zijn van nature niet gewend om open en kwetsbaar te communiceren. Maar inmiddels is het bespreken van deze onderstroom niet meer eng of lastig, waardoor dingen in een flow zijn gekomen. En daarmee is het zichtbare óók veel makkelijker te adresseren.
Maar hoe komt het dan, dat de leden van het Pact nu zo open en zelfs kwetsbaar met elkaar omgaan? Lachend: “Nou, dat is wel een mooi verhaal. We zijn allemaal op aangeven van een externe partij, vier uur lang, onafhankelijk van elkaar, in een bos gaan zitten. Zonder stoel. Gewoon zitten. Ervaren wat er met je gebeurt. Na die vier uur kwamen we bij elkaar om te delen wat we hadden beleefd. En heel apart, maar letterlijk íedereen van ons had op enig moment exact dezelfde ervaring: we zitten niet ‘in’ de natuur, we zijn onderdeel ván de natuur. En daarmee zijn we allemaal verbonden én verantwoordelijk voor onze gezamenlijke impact. Echt wel bizar dat we dat allemaal zo helder voelden.”
“Uiteraard gebruikte iedereen er andere woorden voor, maar we waren het helemaal eens dat hier de sleutel voor onze samenwerking lag: dat we vanuit deze natuurlijke verbinding sámen de sterke basis voor onze afzonderlijke organisaties vormen.
En dat het aan ons is, om dit ook zo te gaan ‘voorleven’. Als de spreekwoordelijke humuslaag van verbonden wortelstelsels, waarop de bovenliggende organisaties als bomen en planten kunnen groeien. Zweverig? Nee, juist niet! Want sinds we dat besef hadden, was de richting, het doel en de te vormen structuur van de samenwerking eindelijk glashelder.
Wij zijn daardoor sneller in staat om tot besluiten en resultaten te komen. Bovendien kunnen we elkaar sindsdien ook rechtstreeks aanspreken als dingen niet goed lopen. Want hé, we zijn een geheel: als het niet goed gaat met één deel, gaat het dús niet goed met het totaal. Plus x min = min. Dat is verre van zweverig of vaag. Dat is een natuurwet. Wiskunde. En dan moeten we samen kijken hoe we weer als een positief geheel verder kunnen. Tja, en soms betekent dat, dat je kansloze projecten of plannen moet opgeven voor het hogere doel: als een dode boom die het gezonde groen voedt.”
“In de basis wel. Iedereen is ‘natuurlijk verbonden’ geboren. Door opvoeding, regels en afspraken raken we er alleen van los. Eigenlijk zijn er maar twee dingen nodig om het te laten slagen: onderkennen en willen. Als groep moet je eerst onderkennen dat de samenwerking niet soepel loopt of beter moet kunnen en dat je zo gauw niet weet hoe je daar uitkomt. Daar start alles. Vervolgens moet je je willen openstellen voor het feit dat het ook anders kan. Dán heb je de ingrediënten om nieuwsgierig en zonder oordeel samen te onderzoeken waarom er weerstand of twijfel is. En ja, dat is soms best een beetje spannend. Maar het brengt het team altijd verder.”
Reacties