netwerk voor professionals in de sociale woningbouw

Social return: van plicht naar kans
Wikke Peters

di 12 maart 2019
artikel

Social return. Soms een plichtmatig vinkje in een aanbesteding, soms een intrinsieke motivatie om iets bij te dragen aan een inclusieve samenleving. Het inzetten van mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt door bedrijven wint meer en meer aan draagvlak. Zéker met de huidige krapte op de arbeidsmarkt. Drie koplopers én samenwerkingspartners aan het woord over de voordelen, uitdagingen, kansen en valkuilen van social return.

Janine van Heertum is projectleider Maatschappelijke Ontwikkeling bij woningcorporatie Zayaz. Joyce de Vaan werkt als coördinator social return voor Weener XL, het werkbedrijf van de gemeente ’s-Hertogenbosch, dat mensen leidt naar werk. Berrie Endevoets is directeur van het onderhoudsbedrijf Orly & Endevoets, en een groot voorstander van het inzetten van mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. Alle drie werken ze gezamenlijk en afzonderlijk vanuit hun eigen expertise en invalshoek aan een inclusievere samenleving.

Van Heertum: “Als organisatie zetten wij in op social return door voorwaarden op te nemen in onze opdrachten aan leveranciers. Dat betekent in de praktijk dat zij twee tot vijf procent van de omzet moeten investeren in het aan het werk stellen van mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt Ook in de eigen organisatie zijn we daarmee bezig, omdat we vinden dat je niet iets van anderen kunt verwachten wat je zelf niet doet. Op dit moment hebben we ongeveer zes functies zo ingevuld, variërend van administratief werk tot catering en gastvrouw. De uitdaging is om steeds weer nieuwe mensen een kans te geven. Dit betekent dat we continue creatief moeten kijken naar de invulling van functies en de taken die verricht moeten worden. Ook doorstroming van medewerkers is daarbij een thema. Het gaat niet alleen om aan het werk zijn, maar liefst ook zo passend mogelijk. Dat geeft mensen immers de meeste voldoening en is het meest duurzaam.”

Functiecreatie

Zowel Van Heertum als De Vaan constateren dat de groep mensen die op dit moment nog niet aan het werk is, moeilijker te plaatsen is. De Vaan: “Dat heeft te maken met de krapte op de arbeidsmarkt. Iedereen die zelfstandig kan werken, is al geplaatst. Dat maakt de uitdaging om passende plekken te vinden voor de groep die overblijft, nog groter. Er zit namelijk een gat tussen dat wat de doelgroep kan en dat wat gevraagd wordt.”

Van Heertum en De Vaan organiseren samen minimaal één keer per jaar een leveranciersbijeenkomst, waar ze alle thema’s rondom social return bespreekbaar maken. “Daarin haken we in op de actualiteit. Een tijdje geleden was dat de golf van statushouders op de arbeidsmarkt. Nu gaat het veel meer over de krapte en het gat tussen vraag en aanbod. Samen met leveranciers kijken we hoe we ze kunnen helpen, en wat ze zelf kunnen doen om social return een volwaardige plek in hun organisatie te geven.”

"Het gaat niet alleen om aan het werk zijn, maar liefst ook zo passend mogelijk."

Janine van Heertum en Joyce de Vaan werken samen aan een inclusievere samenleving. Beeld: Marc Bolsius.

Van Heertum: “Een van de oplossingen die kan bijdragen aan het dichten van het gat tussen vraag en aanbod, is functiecreatie. Kijk anders naar de opbouw van je functies, en kijk of je ze kan opknippen in taken. Splits gemakkelijkere, repeterende taken en complexer werk.” De Vaan: “Op die manier naar functies kijken, kan heel veel voordelen bieden. Waaronder, niet onbelangrijk, ook financieel voordeel. Als jij je vakmannen kunt inzetten voor het hoogwaardig werk, en het eenvoudiger werk door een van onze vaak goedkopere krachten laat doen, kan dat gunstig zijn.”


Endevoets beaamt dat. Hij rekende alles door, kwam tot de conclusie dat functiecreatie rendabel was, en bracht het in de praktijk. “Zo werken er bij ons bijvoorbeeld ondersteunend gevel medewerkers die zich, soms in eerste instantie en soms permanent, vooral toeleggen op eenvoudigere taken. Bijvoorbeeld door het helpen met opruimen van specie, en die taken kunnen steeds verder uitgebreid worden naarmate er vorderingen zijn.”

“Maar”, aldus De Vaan, “dat betekent wel dat P&O afdelingen aan de bak moeten. Het ontleden en opsplitsen van functies vergt veel inzicht in de systematiek van functiecreatie.” Van Heertum, De Vaan en Endevoets zoeken met elkaar en met anderen naar meer nieuwe manieren van functiecreatie. Eén van de mogelijkheden die ze gezamenlijk onderzoeken, is de mogelijkheid van een prefab werkplaats: een plek waar eenvoudig repeterend werk voor onderhoudsprojecten voorbereid kan worden door mensen met en afstand tot de arbeidsmarkt. “We zijn echt nog aan het uitvogelen hoe we dat het beste vorm kunnen geven, maar we geloven wel in dat idee. Zeker met al het werk dat rondom verduurzaming van het woningbezit in aantocht is. Denk bijvoorbeeld aan circulair slopen; materiaal dat klaargemaakt moet worden voor hergebruik.”

Match

Een ander element dat kan bijdragen aan het overbruggen van het verschil in vraag en aanbod is de doelgroep leren kennen. Onbekend maakt immers onbemind. De Vaan: “Soms vragen bedrijven ons weleens: mogen we niet een keer in jullie kaartenbak kijken? Dat kan natuurlijk niet. Maar er zijn wel andere manieren om de doelgroep een gezicht te geven. Zo hebben we een website (Talent uit Noordoost-Brabant) waarop kandidaten zichzelf presenteren. Ook zijn we op dit moment bezig met de organisatie van een tweede bustour, onderdeel van het Project Welkom Thuis, waarin we met kandidaten op bezoek gaan bij bedrijven. We merken dat het werkt om elkaar te ontmoeten en beter te leren kennen. Dat levert mooie resultaten op.”

Orly & Endevoets was een van de bedrijven waaraan de eerste bustour een bezoek bracht. Endevoets: “We begonnen heel eenvoudig en lieten de kandidaten kennismaken met gereedschappen en metselen. Je ziet dan vrij snel bij wie dat werk zou kunnen passen.” Het bezoek leverde een match op: de Iraanse Abbas Rabiei, in eigen land universitair geschoold, ging aan de slag bij Orly & Endevoets. Hij bleek snel te leren en zeer gemotiveerd, iets waaraan Endevoets grote waarde hecht. “Vaardigheden kun je leren. Motivatie en een goede basishouding, dat is moeilijker. Ik heb niets aan een vakman die zich op de werkvloer of bij mensen thuis niet weet te gedragen. Wel aan iemand met een gemotiveerde en goede houding, die we vaardigheden kunnen bijbrengen.”

Klopt, vindt ook De Vaan, maar ze wil daar wel iets aan toevoegen. “Motivatie is niet altijd direct zichtbaar aan de buitenkant. Soms worden mensen zó in beslag genomen door de dagelijkse sores waar ze in zitten, dat de motivatie, die er wel is, overschaduwd wordt. Daarom is het ook altijd ontzettend belangrijk om oog te hebben voor de reden waarom iemand een tijdje niet aan het arbeidsproces heeft deelgenomen. Die redenen kunnen heel uiteenlopend zijn: van psychische problemen, een achtergrond als statushouder, tot ziekte of beperking. Soms verschijnt iemand niet op zijn werk. Dat kan zijn omdat iemand inderdaad niet gemotiveerd is, maar het kan ook zijn dat iemand simpelweg geen geld had voor de bus. Het is van cruciaal belang om inzicht te hebben in de psychosociale context van een werknemer. Maak dat bespreekbaar. Wat is belangrijk voor de werknemer, en wat is belangrijk voor het bedrijf?”

Rabiei biechtte onlangs op dat hij nog niet tevreden was over het niveau van zijn Nederlands, zo vertelt Endevoets. Zodoende wil hij kijken of hij Rabiei kan ondersteunen met extra Nederlandse les. Rabiei heeft al uitgesproken tot zijn pensioen bij Orly & Endevoets te willen blijven. Daar is Endevoets trots op: “Dat is het mooie van social return: als je mensen een kans geeft, levert het vaak ontzettend loyale werknemers op.”

Naast social return hecht Berrie Endevoets ook waarde aan opleiding. Samen met een vakman laat hij Nimeto leerlingen het werk van restaurateurs zien. Beeld: Orly & Endevoets.

Inspireren

Het voorbeeld van Rabiei illustreert dat goede individuele begeleiding van mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt, van groot belang is de slagingskans. Van Heertum: “Dat vraagt een open houding en de wil om mensen volwaardig in een bedrijf te laten meedraaien. Dat is een tijdsinvestering. Toch zie je bij de meeste bedrijven wel dat er mensen werken die het leuk vinden om kennis over te dragen en iemand een tijdje onder hun vleugels te nemen.” In het begin, vertelt Endevoets, leverde social return weleens wat weerstand op. “Sommigen wisten niet goed wat ze met deze mensen aan moesten. “Zet hem maar in de hoek met een bezem”, werd er dan gezegd. Maar zo werkt het natuurlijk niet.”

Inmiddels, constateert het drietal, is er veel meer draagvlak voor social return, en niet alleen omdat het móet of afgedwongen wordt. Van Heertum: “Wat je ziet, is dat het heel belangrijk is dat een directie social return omarmt en tot speerpunt maakt. Maar dat ook de leidinggevenden en hun medewerkers het zien zitten: zij zijn immers degenen die er op de werkvloer handen en voeten aan moeten geven. Voor een inclusieve organisatie heb je echt ieders inzet nodig; dat kun je alleen maar samen.”

Maar soms komen de hindernissen ook van buitenaf. Endevoets: “Het moeten behalen van het VCA-certificaat (een verplicht veiligheidscertificaat voor in de bouw, red.) is zo’n drempel. Dat is echt geen makkelijk certificaat om te behalen.” De Vaan valt bij: “Dat klopt. Tegenwoordig zijn de trainingen wel in meer talen en soms in pictogrammen, maar het examen is veel te omvangrijk en bijna een leesvaardigheidsexamen. Statushouders kennen wel het woord schoenen, maar in het VCA hebben ze het over schoeisel. Ik probeer al jaren een lans te breken voor deelcertificaten, want waarom heeft iemand die zonnepanelen in elkaar zet, een VCA met veel aandacht voor petrochemie nodig? Maar tot nu toe zonder resultaat. En dat kost ons echt veel waardevolle arbeidskrachten die de bouw goed kan gebruiken.”

"Als je mensen een kans geeft, levert het vaak ontzettend loyale werknemers op."

Kwetsbaarheid

Dat de drie bevlogen zijn als het gaat om social return, is duidelijk. Waar komt die bevlogenheid vandaan? Van Heertum: “Uit het geloof dat onderdak én werk de twee basisvoorwaarden zijn voor een stabiel bestaan. Omdat ik werk voor een woningcorporatie, is mijn kerntaak huisvesting en daar houden we ons ook aan. Maar we kijken maatschappelijk wel breder dan dat, door heel expliciet te erkennen: wonen én werk vormen de basis. Zonder die basis gaat alles schuiven. Stabiliteit is minder vanzelfsprekend dan het lijkt, zeker in een maatschappij waarin verandering de constante is geworden. Daardoor dreigt er een grotere groep buiten de boot te vallen. De kwetsbaarheid neemt toe. En het is bepaald niet zo dat er een dikke streep loopt tussen de ‘kwetsbaren’ en de ‘onkwetsbaren’. Je hoeft maar te scheiden, ziek te worden of je baan te verliezen, en dan kun je al aan de andere kant van de lijn belanden. Iedereen heeft een rugzak met een stukje kwetsbaarheid erin, niemand is immuun. Dat realiseer ik me maar al te goed. Eigenlijk vind ik de term ‘mensen met afstand’ ook een beetje respectloos. We hebben allemaal wel een afstand tot iets, toch?”
Endevoets: “Het is eigenlijk bizar dat we certificeringen en social returnverplichtingen nodig hebben om social return te verwezenlijken. Ik zie het als een menselijke taak om anderen een kans te geven. Ik krijg daar persoonlijk ook energie van.”

Meer weten over de werkwijze van Weener XL, Zayaz of Orly & Endevoets? Stuur een email naar renda@aeneas.nl, dan brengen we je met een van hen in contact.

Reacties

xMet het invullen van dit formulier geef je Renda en relaties toestemming om je informatie toe te sturen over producten, dienstverlening en gerelateerde zaken. Akkoord

Copyright 2019 Aeneas Media

Deze website maakt gebruik van cookies. Meer informatie AccepterenWeigeren