Log in
inloggen bij Renda
Hulp bij wachtwoord
Geen account?
shop word lid
Home / Artikelen

Alleen op de wereld, en toch een overlever

Wikke Peters - 13 juni 2022

Ik was een ongewenst kind. Mijn moeder was ongehuwd zwanger, en dat hoort niet in mijn cultuur. Mijn oma, haar moeder, heeft van alles geprobeerd om van me af te komen: een te heet bad laten nemen, van de trap gooien, een bezoek aan een breinaaldenvrouwtje. Maar het werkte niet, ik bleef bestaan en werd geboren." Tekenend, het verhaal rondom haar geboorte, voor het verhaal van Wilma Smetsers zelf. Want Wilma is een overlever. Een overlever, die ondanks tegenslagen ? en dat is zacht uitgedrukt ? knokte voor een beter bestaan. Soms met hulp van het 'systeem', soms juist ondanks het systeem.

Wilma schreef een boek over haar ervaringen: Van slachtoffer naar hulpverlener. Een portret van een echte ‘powervrouw’, die een boodschap heeft aan alle instanties: luister, geef kansen, werk op maat, en vooral: laat niemand aan zijn of haar lot over. “Doordat zoveel hulp gebaseerd is op zelfregie, vallen er echt mensen buiten de boot.”

“Mijn echte vader heb ik nooit gekend. Wie hij was, dat geheim heeft mijn moeder meegenomen in haar graf. Ik weet alleen, dat hij uit El Salvador komt. Mijn moeder trouwde met een andere man. Die dacht dat hij mijn vader was. Maar toen mijn zusje werd geboren, begon hij de verschillen op te merken. Dat was ook het moment dat de mishandelingen begonnen.” Wilma voelde zich verstikt. Binnen haar cultuur was het bovendien gebruikelijk dat meisjes werden klaargestoomd voor zorgtaken: schoonmaken, het huishouden doen, het gezin verzorgen. “Ik wilde meer, ik wist dat de wereld groter moest zijn. Dat zag ik bij vriendinnetjes.”

Het abnormale normaal

Om aan de mishandelingen thuis te ontkomen, ging Wilma zoveel mogelijk bij haar oma wonen. Maar ook daar bleek ze niet veilig. “De nieuwe vriend van mijn oma vergreep zich aan mij. Dat was verwarrend, want mijn oma voelde ook als een veilige haven. Zo werd het abnormale normaal. Ik werd een gebruiksvoorwerp. Ergens wist ik dat het niet klopte, maar ik voelde me machteloos. Mijn oma moet het geweten hebben, denk ik nu achteraf. Maar ze keerde het misbruik de rug toe, deed alsof het er niet was. Misschien kon ze niet anders.”

Wilma verhuisde terug naar haar moeder. De fysieke mishandelingen stopten, maar de geestelijke mishandeling ging door. “Er was veel verbaal geweld. Alcoholmisbruik ook, mijn ouders waren altijd onder invloed. Ik werkte voor hen op de ijswagen, ik zorgde dat die draaide en dat er geld binnenkwam. Deed ik mijn werk niet goed, dan kreeg ik straf. Moest ik strafregels schrijven, op de typemachine. In die hele periode heb ik geen enkele hulpverlener gezien, niemand leek iets te merken. Ik heb me ontzettend in de steek gelaten gevoeld, ik moest alles zelf dragen. Dan ga je ook de verkeerde keuzes maken.”

Gevangenis

Bij die verkeerde keuzes hoorden ook liefde voor verkeerde mannen. Mannen in het criminele circuit, mannen die haar ook, opnieuw, geestelijk mishandelden. “Als ik terugdenk aan die tijd, voelt dat óók heel bizar. Ik zat namelijk in die tijd ook in de powerlifting, zat zelfs in het Nederlands team. Ik was zo sterk als een beer. En toch werd ik thuis gekleineerd en vernederd, leek het alsof ik niks waard was. Je gaat dan ook echt geloven dat je niks kan, nergens toe in staat bent.”

Door de vader van haar kinderen kwam Wilma ook in de gevangenis terecht, als medeplichtige van haar echtgenoot, die zelf ook de cel in ging. Na zeven maanden kwam ze vrij, “En toen had ik niks en belandde ik daardoor ook in de schulden. Ik was niet bij mijn kinderen, ik had schulden, ik had geen geld, ik had geen huis, geen baan. Ik voelde me helemaal alleen op de wereld. Ik ging slapen in de nachtopvang, maar daar voelde ik me verschrikkelijk, tussen de verslaafden. Ik hield het daar niet uit, een nachtopvang voor een vrouw is heel anders dan voor een man, zeker als je niet verslaafd bent. Dat is écht nog een gat in het systeem: een gebrek aan veiligheid voor dakloze vrouwen. Ik ging zwerven, leefde op straat. Ik sliep overdag op een bankje in het park, ’s nachts was ik wakker en alert. Ik durfde tegen niemand te vertellen dat ik dakloos was. Ik schaamde me zo verschrikkelijk. Tot het punt kwam dat ik niet meer wilde leven. Ik ben naar het spoor gelopen, heb daar gestaan. Met de gedachte een einde aan mijn leven te maken. Maar wat er toen gebeurde, begrijp ik nog steeds niet helemaal. Alsof er een stem was die zei dat ik dit niet moest doen. Dat ik aan mijn kinderen moest denken. Dat was voor mij een keerpunt.”

Wilma besloot stappen te zetten. Kleine stapjes eerst. “Want diep van binnen wist ik: zo hoort het leven niet te zijn. Het kán ook anders.” Ze belde met de directeur van de bank, waar ze schulden had. “Die man luisterde naar mij. Voor het eerst in mijn leven deed ik mijn hele verhaal. Zonder reserves, ik gooide alles eruit. Hij deed toen een aanbod dat voor mij alles veranderde. Hij zei: als jij erin slaagt één maand je daklozenuitkering volledig op je rekening te laten staan, dan scheld ik jou al je schulden kwijt. Dat lukte. En bovendien gaf zijn vertrouwen en respectvolle reactie op mijn openheid, me de moed om door te gaan. Daar zou het om moeten gaan in de hulpverlening: mensen een kans geven vanuit vertrouwen. Niet alleen maar de regeltjes toepassen, en weigeren te kijken naar het persoonlijk verhaal van iemand die in de problemen zit. Ik ging met de gemeente in gesprek over mijn andere schulden, kwam in de schuldsanering en kreeg dankzij urgentie van de woningcorporatie snel een eigen woning, waar ik met mijn kinderen ging wonen.”

Na drie jaar was Wilma schuldenvrij. En toch was ze er nog niet. “Want toen kwam mijn ex uit de gevangenis. Weer trapte ik in zijn mooie verhalen. Achteraf gezien was dat natuurlijk geen liefde, maar gewenning. Want natuurlijk kwam hij al zijn mooie nieuwe beloftes niet na. Ik ging in therapie, leerde daar veel over mezelf. Vooral de gedachte dat ik zijn gedrag mee in stand hield, door geen duidelijke grenzen te stellen en niet voor mezelf op te komen, kwam binnen. Op een dag vertelde ik hem dat hij kon vertrekken. “Pak jij mijn tas dan even in”, vroeg hij. “Dat doe je maar mooi zelf”, antwoordde ik. Hij vertrok. Twee weken later stond zijn tasje met vuile was voor de deur. Dat is bijna grappig.” Wilma heeft af en toe nog contact met haar ex. “Ergens snapt hij wel wat hij me aangedaan heeft. Maar voor mij is er geen weg meer terug. We drinken af en toe koffie en praten over de kinderen. Dat is goed zo.”

Daklozen in Nederland

Op 1 januari 2021 waren 32 duizend mensen dakloos. Op 1 januari 2020 waren dit er ruim 36 duizend, waarmee de jarenlang stijgende trend van het aantal dakloze mensen tot stilstand kwam. Het aandeel 18- tot 27-jarigen onder de groep daklozen daalde van 35 procent begin 2016 naar 18 procent op 1 januari 2021. Dit blijkt uit de nieuwste cijfers van het CBS.

Te veel focus op zelfredzaamheid

Inmiddels durft Wilma van zichzelf te zeggen dat ze op de goede weg is. Na een aantal verschillende banen, vond ze het werk dat écht bij haar paste, in de hulpverlening. Na haar opleiding tot ervaringsdeskundig hulpverlener, begeleidt ze specifieke doelgroepen voor maatschappelijke opvang Neos. Ze ontwikkelt trainingen, bijvoorbeeld de training Grip op je Knip, en Hoe word ik een goede buur. “Veel mensen uit een dakloze situatie, weten niet goed hoe ze zich tot bijvoorbeeld hun buren moet verhouden. Dan worden ze gestigmatiseerd, en dan gaat het weer mis.” Wilma werkt liever niet volgens ‘het boekje’. “Ik weet als geen ander wat er nodig is. Hoe we zo vaak de focus leggen op zelfregie en zelfredzaamheid, ook bij mensen die iets heel anders nodig hebben. Daardoor vallen er veel mensen buiten de boot. Met één keer in de week begeleiding, kom je er niet. Er moet terugvalpreventie zijn, hulp die niet alleen maar van negen tot vijf bereikbaar is. Wat als je een beetje raar wordt in je hoofd? Dat gebeurt heus niet alleen tijdens kantoortijden. Nog veel te vaak werken hulpverleners langs elkaar heen, en is er geen verbinding onderling, en met de buurt. Onze maatschappij is sowieso heel ‘ik’- gericht. Ga eens dat park in om de daklozen die daar slapen, een kop koffie en een broodje te brengen. Zulke acties kunnen echt het verschil maken.” Het boek, dat Wilma schreef over haar leven, heeft ze zelf nog niet terug kunnen lezen. “Ik heb het opgeschreven, recht uit mijn hart, en ik heb het daarna nooit meer teruggelezen. Het voelt té beladen, te rauw. Maar op een dag lukt me dat wel, dat weet ik zeker.”

Het boek ‘Van slachtoffer naar hulpverlener’ van Wilma Smetsers is te bestellen via www.boekenbestellen.nl. Het kost 19,95, en alle opbrengsten gaan naar Vrienden van Neos, een initiatief dat projecten voor dak- en thuislozen financiert. Wilma is ook gastspreker, meer info is te vinden op www.ehomebrabant.nl.

Reacties

x Met het invullen van dit formulier geef je Renda en relaties toestemming om je informatie toe te sturen over producten, dienstverlening en gerelateerde zaken. Akkoord
Renda ©2022. All rights reserved.

Deze website maakt gebruik van cookies. Meer informatie AccepterenWeigeren