netwerk voor professionals in de sociale woningbouw

Complexe aanpak van een rijksmonument
Dionne Verstegen, Iris Munk

di 11 december 2018
artikel

Aan de Jan Evertsenplaats in Rotterdam laat woningcorporatie Vestia groot onderhoud uitvoeren aan twee woongebouwen, die als onderdeel van de wederopbouw zijn gebouwd. Na een eerste aanpak in 1980 zijn de flats opnieuw aan een opknapbeurt toe. Omdat de complexen in de binnenstad van Rotterdam staan en de status Rijksmonument hebben, is dit geen alledaagse aanpak en vergt het meer aandacht en specialisme van alle betrokken partijen.

De twee gebouwblokken aan de Jan Evertsenplaats zijn onderdeel van het Lijnbaan-ensemble, een zeer karakteristiek gebied in de Rotterdamse binnenstad. Het ensemble van losse winkel- en woonblokken en samenhangend ‘stedelijk interieur’, staat symbool voor de daadkrachtige wederopbouw van het stadshart, dat door het Duitse bombardement van mei 1940 vrijwel geheel was weggevaagd. Bij de bouw van het Lijnbaan-ensemble werd een nieuw concept geïntroduceerd, waarbij woningen en kantoorruimtes niet boven de winkels geplaatst werden, zoals in de traditionele Nederlandse winkelstraten, maar in aparte gebouwen erachter. Hierdoor ontstond een exclusief voetgangersdomein, los van al het andere verkeer. De panden en structuur van het Lijnbaan-ensemble zijn sinds de bouw in de jaren ‘50 zo goed als onveranderd gebleven.

Cultuurhistorisch onderzoek

De twee complexen van Vestia zijn in 1958 gebouwd en bestaan uit 208 sociale huurwoningen, 17 garageboxen en 11 winkelruimtes. In 2010 kregen de woongebouwen de status van Rijksmonument en sindsdien behoren ze tot de internationaal erkende wederopbouwmonumenten. Deze monumenten vertellen het verhaal van de veelzijdige geschiedenis, economie, cultuur en architectuur van de stad in de periode na de oorlog. Met deze monumentstatus is ook het uiterlijk van de flats voor de toekomst vastgelegd. Echter, de wooneisen zijn in de afgelopen zestig jaar significant veranderd. Nu de complexen opnieuw aangepakt worden, is het een hele uitdaging om de gebouwblokken energetisch te verbeteren met respect voor het oorspronkelijke uiterlijk.

Voorafgaand aan het groot onderhoud heeft Vestia zodoende een cultuurhistorisch onderzoek uit laten voeren. Hierbij zijn alle onderdelen, zoals de trappenhuizen, galerijen en de originele houten voorgevelpuien, in beeld gebracht. Vervolgens is per gebouwonderdeel bepaald of het vervangen, hersteld of gerestaureerd moet worden. Ook is er een cultureel kleurenonderzoek uitgevoerd, om de oorspronkelijk kleurstelling van de verschillende gebouwonderdelen te achterhalen en deze tijdens het groot onderhoud zoveel mogelijk terug te brengen.                       

"De beoordeling vindt meer op kwaliteit en creativiteit plaats."

De flats aan de Jan Evertsenplaats in de jaren '60.

Volledige
artikel lezen?
het volledige artikel is gratis beschikbaar
voor onze leden. Nog geen lid? meld je
aan bij ons netwerk.

Reacties

xMet het invullen van dit formulier geef je Renda en relaties toestemming om je informatie toe te sturen over producten, dienstverlening en gerelateerde zaken. Akkoord

Copyright 2019 Aeneas Media

Deze website maakt gebruik van cookies. Meer informatie AccepterenWeigeren